LEM Historische encyclopedie Venlo

Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

beacon
 
 
Inventaris
Records 1 t/m 100
Records 101 t/m 200
Records 201 t/m 300
Records 301 t/m 400
Records 401 t/m 500
Records 501 t/m 600
Records 601 t/m 700
Records 701 t/m 800
Records 801 t/m 900
Records 901 t/m 1000
Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid
LEM Historische encyclopedie Venlo
Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid
Term:
Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid
Beschrijving 1:
De Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid vestigden zich op 10 februari 1876 in Blerick. De nog jonge orde, ze was in 1843 gesticht in een dorp bij het Duitse Münster, beschikte in Steyl al over een klooster. Gedwongen door vervolging van de Duitse autoriteiten onder leiding van Bismarck (Kulturkampf) waren ze hun eigen land ontvlucht en vestigden zich in het grensgebied. De zusters moeten vanuit Steyl hebben gezien dat Blerick ook een goede vestigingsplaats voor een klooster was en lieten vervolgens vier ordegenoten vanuit Münster overkomen. Deze namen hun intrek in een een pand op de hoek van de Helling en de Pontanusstraat. Ze begonnen meteen met tal van activiteiten, variërend van ziekenverzorging tot onderwijs. In hun huis, dat al snel de naam Sint-Vincentiusgesticht kreeg, brachten ze bovendien weeskinderen onder en stichtten ze een internaat (in eerste instantie vooral voor kinderen van schippers). Verder runden ze een bewaarschool in het naast hun eigen huis gelegen pand aan de Helling. De snel in aantal toenemende activiteiten noopten de zusters er al spoedig toe naar een groter onderkomen uit te zien. Dat werd een pand schuin tegenover het oude, op de hoek van de Antoniuslaan en de Koestraat (de huidige Kloosterstraat). Het huis, met grote tuin, kochten de zusters in 1895.
Beschrijving 2:
Later noemden ze hun nieuwe behuizing het Sint-Antoniusklooster. Het kloostercomplex groeide nadien enorm uit. Al in 1895 werd aan het huis een school en een kapel gebouwd, in 1907 volgde aan de Kloosterstraat een jongensinternaat. Om de jongens van het internaat zelf les te kunnen geven bouwden de zusters in 1909 aan de 1e Graaf van Loonstraat een jongensschool. In de jaren dertig besloegen de gebouwen en tuinen van de kloosterorde een terrein van meer dan 2 hectare in het centrum van Blerick. Het complex lag tussen de Antoniuslaan, Kloosterstraat, 1e Graaf van Loonstraat en Rutgerusgang. In de gebouwen werd door de zusters in de periode tussen de beide wereldoorlogen vooral onderwijs verzorgd, niet alleen voor de kinderen van het internaat maar ook voor de jeugd van Blerick en omgeving. Die kon er terecht op de bewaarschool, lagere school, huishoudschool, mulo en kweekschool. Tijdens de eerste oorlogsjaren konden die activiteiten gewoon doorgaan. In 1942 vorderden de Duitsers echter een groot deel van het complex. Later dienden met name de kelders als schuilgelegenheid voor Blerickenaren en als noodziekenhuis. Na de oorlog namen de zusters de draad van hun onderwijsactiviteiten weer op. Alleen stopten ze met hun jongenspensionaat.
Beschrijving 3:
Door toename van het aantal leerlingen raakten de oude gebouwen overvol. Dat noopte tot verbouwingen en uiteindelijk in 1965 tot verhuizing van de kweekschool naar Venlo. De mulo, die eerst aan de Kloosterstraat zat, trok in het gerenoveerde onderkomen van de kweekschool aan de Antoniuslaan. Daardoor konden de gebouwen aan de Kloosterstraat in 1966 worden afgebroken en plaats maken voor winkels. In 1990 verliet ook de mulo (inmiddels Mavo Maria Regina) het gebouw, nadat ze in 1989 was gefuseerd met de Maasveldmavo en het Blariacumcollege. De kleuters van de Titus Brandsmaschool, die nog steeds in de oude school van het jongenspensionaat aan de 1e Graaf van Loonstraat zaten, betrokken dat jaar een nieuw schoolgebouw. Het scholencomplex van de zusters stond nu leeg. Niet veel later, op oudejaarsdag 1990 brak er brand uit, waardoor een groot deel werd verwoest. Daarna volgde afbraak. Van het grote gebouwencomplex van de zusters was alleen nog het klooster aan de Antoniuslaan (dat ze na de oorlog hadden gebouwd) over. Daarin wonen nog steeds enkele zusters. Echter veel minder dan in de gloriejaren, want er zijn nauwelijks nog roepingen. Na meer dan een eeuw een belangrijke rol te hebben gespeeld in de Blerickse samenleving kunnen de zusters rusten.
Bron:
Blerickclopedie

Kenmerken

Categorie:
  • Zonder categorie