LEM Historische encyclopedie Venlo

Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

beacon
 
 
Inventaris
Records 1 t/m 100
Records 101 t/m 200
Records 201 t/m 300
Records 301 t/m 400
Records 401 t/m 500
Mertens, Gerard
LEM Historische encyclopedie Venlo
Mertens, Gerard
Term:
Mertens, Gerard
Beschrijving 1:
Landbouwvoorman en topman van de Rabobank. Sjra Mertens werd op 15 maart 1918 in Hout-Blerick geboren. Na op jonge leeftijd als gevolg van de dood van zijn vader agrariër (fruitteler) te zijn geworden, kwam hij al snel in de landbouworganisaties en de politiek terecht. Die loopbaan begon meteen na de Tweede Wereldoorlog. In 1945 werd hij niet alleen voorzitter van de afdeling Blerick van de Limburgse Land- en Tuinbouw Bond (LLTB) en lid van het provinciaal bestuur van die bond, maar tevens raadslid van de gemeente Venlo voor de Katholieke Volkspartij (KVP). In 1947 kozen de leden van de LLTB hem tot hun voorzitter, ging hij deel uitmaken van het dagelijks bestuur van het Landbouwschap en zat hij in Provinciale Staten van Limburg. Een jaar later stopte hij met zijn gemeenteraadswerk. In de jaren vijftig ging zijn carrière even stormachtig verder. Vanaf 1952 was hij lid van de Eerste Kamer (wat hij bleef tot 1979) en vanaf 1954 (tot 1975) voorzitter van de Katholieke Nederlandse Boeren- en Tuindersbond (KNBTB). In diezelfde jaren vijftig startte ook zijn klim naar de top van de Rabobank (toen nog Boerenleenbank). In 1955 werd hij lid van de Raad van Toezicht van de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank, in 1957 gevolgd door het voorzitterschap van die raad. In 1968 stapte Mertens over naar diezelfde functie bij de Raad van Beheer van de Boerenleenbank. Na de fusie met de Raiffeisenbank en de vorming van de Rabobank (waartoe hijzelf in 1970 het initiatief nam en die in 1972 tot stand kwam) was hij daarvan voorzitter van de Raad van Beheer. Die topfunctie bekleedde hij tot 1983.
Beschrijving 2:
Door de jaren heen had hij bovendien tal van commissariaten, onder meer bij Interpolis, Heidemij en Dagblad De Tijd/Maasbode. Bovendien was hij voorzitter van de Nationale Coöperatieve Raad voor Land- en Tuinbouw NCR en lid van de Sociaal-Economische Raad (SER). In de eigen streek was hij onder meer commissaris bij de Venlose enveloppenfabriek Holland, lid van het dagelijks bestuur van het Limburgs Landschap en voorzitter van de Stichting Kasteeltuinen Arcen. Zijn macht en invloed in de Nederlandse landbouwwereld en de politiek waren tussen 1950 en 1980 zeer groot. Mertens werd geroemd om zijn stille diplomatie, zijn bezadigde oordeel, zijn kennis van zaken en zijn vermogen om op het juiste moment de juiste beslissingen te nemen. Diverse malen werd hij gevraagd voor een ministerspost, onder anderen door Marijnen (in 1963) en Van Agt (1980). Mertens weigerde echter telkens. Hij achtte zichzelf niet geschikt voor de echte politiek, onder meer omdat hij dan standpunten zou moeten verdedigen die niet helemaal de zijne waren. De bekroning van zijn loopbaan bleef door eigen toedoen uit.
Bron:
Blerickclopedie
Records 601 t/m 700
Records 701 t/m 800
Records 801 t/m 900
Records 901 t/m 1000
Records 1001 t/m 1024

Kenmerken

Categorie:
  • Zonder categorie